Bezoek van de vuurjuffer


 
 "Mama, nu moet je eens komen kijken!" roept Jonah.
Hij baant zich een weg door de woestenij die wij vroeger tuin noemden.
De actie "Maai mei niet" in combinatie met een man met een hernia heeft er voor gezorgd dat onze tuin is veranderd in een weelderige verzameling van kniehoge bloemen en grassen.
Af en toe hoor je de kinderen sakkeren wanneer hun bal verdwijnt in het hoge gras.
En ook wij beginnen tegen eind mei stilletjes te vloeken wanneer we laarzen moeten dragen om ons grasplein te doorkruisen naar de serre.
Maar we houden vol, ook al blijft het gehoopte zwermen van bijen, vlinders,... voorlopig uit.
Tot er eind mei dus die eerste zonnestraaltjes zijn en Jonah ons enthousiast bij zich roept.

Daar op de bloembak vol bieslook zit een felrode libelle.
We staan er met z'n viertjes op te kijken, niemand van ons heeft enig idee welk insect ons vandaag een bezoekje brengt.
Ik haal er snel de app. ObsIdentify bij van Natuurpunt die in enkele foto's de bezoeker identificeert.
Het blijkt een vuurjuffer te zijn, een passende naam voor het frivole, vuurrode insectje.
Het kan het feit zijn dat we door de coronaregels nog niet veel bezoek hebben gehad of de eerste warmte van de zon maar ons gezin voelt zich vereerd door de aanwezigheid van deze juffer.
"Die moet je tekenen." zegt Jonah.
 
Onze jongens zijn al even enthousiast over al het groen, de kleine beestjes die in onze tuin wonen, de vogels die we tijdens een wandeling zien,... als hun ouders.
En ik ben blij en dankbaar dat we onze liefde voor de natuur delen en doorgeven aan elkaar.
Dat de frustratie om het te hoge gras niet wint maar de ver/bewondering.
Wanneer we begin juni het gras afrijden besluiten we om een vierkant vak niet te maaien en voorlopig te laten wildgroeien.
Je weet nooit wie er nog meer op bezoek kan komen.

Reacties